Tekst
Tweede Kamer der Staten-Generaal
2
Vergaderjaar 1998–1999 Aanhangsel van de Handelingen
Vragen gesteld door de leden der Kamer, met de daarop door de
regering gegeven antwoorden
2-9-’96 heeft plaatsgevonden en chloorwaterstoffen»3, terwijl in de
1910 evenmin volgens de oorspronkelijke rapportage duidelijk wordt gemeld
Vragen van de leden Van der ontgravingstekening1 en evenmin dat er een onderzoek heeft
volgens de daarna, op verzoek van plaatsgevonden naar de
Steenhoven (GroenLinks) en Klein
GS gemaakte, verbeterde en door GS aanwezigheid van EOX, doch dat
Molekamp (VVD) aan de minister
nadrukkelijk als juist geaccepteerde nadere identificatie van deze stoffen
van Volkshuisvesting, Ruimtelijke
tekening van juli 1998? Kunt u niet heeft plaatsgevonden? Op basis
Ordening en Milieubeheer over
aangeven op basis waarvan het de van welke verifieerbare feiten heeft
bodemsanering van de Noorderstraat
Inspectie bekend is dat de «westelijke de Inspectie vastgesteld dat de
te Leiden. (Ingezonden 21 mei 1999)
grens van de sanering in ieder geval aangetroffen gehalogeneerde
1 verschoven is»2? koolwaterstoffen hoofdzakelijk
Hebt u kennis genomen van het chloorkoolwaterstoffen zijn?
4
«Eindrapport Inspectieonderzoek
Waarom wijkt de door de Inspectie in 8
bodemsanering Noorderstraat te
haar Eindrapport Inspectieonderzoek Kunt u een eindoordeel geven over
Leiden» door de Inspectie
bodemsanering Noorderstraat te het onderzoek van de Inspectie
Milieuhygiëne Zuid-West uit
Leiden zelf gefabriceerde tekening af binnen de context van de taak van de
november 1998?
van uit de tijdens de sanering Inspectie als tweedelijnscontrole op
2 gemaakte foto’s vast te stellen andere overheden en de aanleiding
Is het u bekend dat met betrekking tot gegevens? voor het onderzoek (de verdenking
deze zaak GS van Zuid-Holland op van fraude)?
5
11 februari jl. heeft besloten de
Heeft de Inspectie bij haar onderzoek 9
Awb-procedure inzake de bezwaren
gebruik gemaakt van de kadastrale Kunt u een oordeel geven over de
tegen de saneringsverklaring niet
gegevens cq. tekeningen? Zo ja, betrouwbaarheid van de sanering
ontvankelijk te verklaren waardoor
waaruit blijkt dat? Zo neen, waarom zelf, gezien het feit dat er enerzijds
het indienen van bedenkingen niet
niet? sprake is van een verontreiniging met
mogelijk was? Wat is uw oordeel ten
aanzien van dit besluit? Is het juist dat per en tri, welke beide
6
normaliter en ook in andere wateroplosbaar zijn en ook zwaarder
Heeft de Inspectie in dit geval gebruik
provincies dergelijke besluiten ter zijn dan grondwater maar dat er
gemaakt van eigen onderzoek of
visie worden gelegd en het indienen anderzijds tot slechts 3 meter diepte
metingen ter plaatse? Zijn
van bedenkingen mogelijk is? Wat is gesaneerd? Is op deze locatie
bijvoorbeeld gesprekken gevoerd met
denkt u er aan te doen als hier ten voldoende controle achteraf
omwonenden of betrokkenen die een
onrechte niet in beroep kon worden uitgevoerd om zeker te stellen dat de
goed beeld kunnen schetsen van wat
gegaan? verontreiniging niet dieper zit?
er daar gebeurd is? Zo neen, waarom
niet? 1
«Evaluatie van de sanering van de
3
Op basis van welke verifieerbare Noorderstraat 3–7 te Leiden» Eindrapport 11
7
augustus 1997. De Straat Milieuadviseurs.
feiten heeft de Inspectie in het geval Op basis van welke inzichten heeft de 2
Eindrapport Inspectie; bijlage 1, punt 3.
van de Noorderstraat te Leiden Inspectie kunnen concluderen «dat er 3
Eindrapport Inspectie; blz. 5.
vastgesteld dat de sanering niet sprake was van hoge concentraties
conform de bestektekening d.d.
KVR10077
2989913350
ISSN 0921 - 7398
Sdu Uitgevers
’s-Gravenhage 1999 Tweede Kamer, vergaderjaar 1998–1999, Aanhangsel 3837
Mededeling
Mededeling van minister Pronk
(Volkshuisvesting, Ruimtelijke
Ordening en Milieubeheer).
(Ontvangen 25 augustus 1999)
Tot mijn spijt moet ik u mededelen
dat de beantwoording van
bovengemelde vragen van de leden
Van der Steenhoven en Klein
Molenkamp niet binnen de
gebruikelijke termijn kan geschieden.
In verband met een nader onderzoek
is beantwoording van de vragen
uitgesteld tot 1 oktober 1999.
Tweede Kamer, vergaderjaar 1998–1999, Aanhangsel 3838