- Personen
- Publicaties
-
Organisaties
- Adviescolleges
- Colleges
- Deelgemeentes
- Diensten en agentschappen
- Gemeentes
- Hoog college van Staat
- Koepelorganisaties
- Ministeries
- Openbaar lichaam voor bedrijf en beroep
- Politiekorpsen
- Provincies
- Rechterlijke Macht
- Regering
- Regionale samenwerkingsorganen
- Staten-Generaal
- Waterschappen
- Zelfstandige Bestuursorganen
- Partijen
- Tweets
- Nieuws
Maatregelen verkeersveiligheid; Brief regering; Verhoging boetetarieven per 1 januari 2012
| Datum publicatie: | 2011-09-08 |
| Datum uitgifte: | 2011-09-02 |
| Organisaties: | |
| Indieners: |
|
| Dossier: |
Tweede Kamer der Staten-Generaal
2
Vergaderjaar 2010–2011
29 398 Maatregelen verkeersveiligheid
Nr. 285 BRIEF VAN DE MINISTER VAN VEILIGHEID EN JUSTITIE
Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal
Den Haag, 2 september 2011
Met mijn brief van 14 december jl.1 heb ik uw Kamer geïnformeerd over
mijn voornemen om uitvoering te geven aan de motie van der Staaij c.s.2.
Deze motie verzoekt de regering om binnen het beschikbare budget niet te
kiezen voor een algehele procentuele verhoging voor alle verkeersboetes,
maar voor gerichte boeteverhogingen voor in het bijzonder grote
verkeersovertredingen, waaronder snelheidsovertredingen in woon-
wijken, hufterigheid in het verkeer en recidive.
Mede namens de minister van Infrastructuur en Milieu, licht ik in deze
brief graag toe op welke manier ik het stelsel van boetetarieven per
1 januari 2012 zal aanpassen. In het kort gaat het om de volgende
wijzigingen:
– De boetes voor een reeks asociale en gevaarlijke gedragingen gaan
fors omhoog;
– De opbouw van de boetetarieven voor snelheidsovertredingen wijzigt,
waardoor er bij overschrijdingen vanaf 11 km/u een extra bedrag op de
snelheidsafhankelijke sanctie wordt opgeteld;
– De boetes voor snelheidsovertredingen in een 30 km/u-zone zijn vanaf
volgend jaar hoger dan voor een snelheidsovertreding op een andere
weg;
– De algehele tariefsverhoging per 1 januari 2012 bedraagt niet de
eerder aangekondigde 20%, maar 15%.
Ik heb mij bij het uitwerken van deze maatregelen laten adviseren door
het Openbaar Ministerie (OM), dat met name rekening heeft gehouden
met het uitgangspunt dat de verschillende boetetarieven in de juiste
verhouding tot elkaar moeten blijven staan. Er is daarnaast gewerkt met
de randvoorwaarde dat de verwachte opbrengst gelijk moet blijven aan de
financiële kaders van de eerder voorgenomen algehele tariefsverhoging
van 20%.
1
Kamerstukken II 2010/11, 29 398, nr. 259.
2
Kamerstukken II 2010/11, 32 500 VI, nr. 41.
kst-29398-285
ISSN 0921 - 7371
’s-Gravenhage 2011 Tweede Kamer, vergaderjaar 2010–2011, 29 398, nr. 285 1
Hogere boetes voor asociale overtredingen
Zoals ik uw Kamer meldde in de brief van 14 december, wordt er bij het
bepalen van de hoogte van een boete voor lichte verkeersovertredingen
gebruik gemaakt van een uniform beoordelingskader. De opbouw van dit
beoordelingskader zorgt ervoor dat een boete hoger uitvalt naarmate een
overtreding gevaarlijker, hinderlijker of asocialer is. Overtredingen zijn
ingedeeld in vier categorieën, waarbij bijvoorbeeld fout parkeren in de
eerste categorie valt (thans € 70,–), terwijl inhalen op of vlak voor een
oversteekplaats voor voetgangers in de hoogste categorie is opgenomen
(thans € 280,–).
Naar aanleiding van de genoemde motie is de huidige indeling van de
overtredingen nog eens tegen het licht gehouden, om te bezien of er
overtredingen zijn die in een hogere rubriek geplaatst zouden moeten
worden. Dat heeft geresulteerd in een reeks feiten die overgeheveld
worden naar de rubriek met de meest asociale en gevaarlijke gedragingen
die binnen de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoor-
schriften (Wahv) vallen of anderszins feitgecodeerd worden afgedaan. Het
boetetarief voor deze overtredingen stijgt daardoor volgend jaar met
ongeveer € 140,- per overtreding. Bij het selecteren van feiten is in het
bijzonder gekeken naar overtredingen waarbij sprake is van opzet, zoals
het besturen van een auto terwijl het rijbewijs is ingenomen na het niet
betalen van een verkeersboete en het niet verlenen van voorrang aan
voetgangers bij een oversteekplaats. Daarnaast zijn er feiten aangewezen
die het bevoegd gezag in de openbare ruimte ondermijnen, zoals het
negeren van een stopteken van de politie en het negeren van een
aanwijzing van een verkeersregelaar. Om de samenhang tussen verschil-
lende overtredingen te bewaren worden ook de tarieven voor enkele
niet-verkeersgerelateerde overtredingen verhoogd.
Naast de verhoging van deze reeks asociale overtredingen zullen ook de
boetetarieven voor snelheidsovertredingen wijzigen. Op dit moment
neemt de stijging van het boetetarief geleidelijk toe naarmate de
overschrijding groter wordt. Deze opbouw blijft in stand maar zal worden
aangevuld met een extra vaste verhoging van € 15,– voor overschrij-
dingen vanaf 11 km/u. Hierdoor komt het boetetarief een niveau hoger te
liggen bij snelheden van meer dan 10 km/u te hard rijden.
Hogere boetes voor te snel in woonwijken
Op verschillende momenten heeft uw Kamer aandacht gevraagd voor de
verkeershandhaving binnen de bebouwde kom en in woonwijken. Tijdens
de plenaire behandeling op 23 juni jl. van de Verzamelwet Verkeer en
Waterstaat 20101, heeft de minister van Infrastructuur en Milieu toegezegd
om uw Kamer te informeren over de aanvullende mogelijkheden om
bestuurders aan te pakken die forse overtredingen begaan binnen de
bebouwde kom.
In de brief van 14 december ben ik uitgebreid ingegaan op de manier
waarop de handhaving op deze wegen is vormgegeven. Ik heb daarbij
benadrukt dat de maximumsnelheid in eerste instantie zoveel mogelijk
moet worden afgedwongen door de weginrichting. Handhaving moet bij
het bevorderen van de verkeersveiligheid altijd als sluitstuk dienen. Zeker
bij lage snelheden is de rijsnelheid goed te beïnvloeden door de plaatsing
van bijvoorbeeld rotondes, verkeersdrempels en oversteekplaatsen. Voor
wat betreft de inzet van verkeershandhaving op deze wegen heb ik
gewezen op de cijfers over 2010, waaruit blijkt dat meer dan de helft van
alle snelheidsverbalen wordt uitgeschreven binnen de bebouwde kom.
In aanvulling hierop zijn de minister van Infrastructuur en Milieu en ik van
1
Kamerstukken II 2010/11, 32 403. mening dat een strengere bestraffing van overtredingen in woonwijken op
Tweede Kamer, vergaderjaar 2010–2011, 29 398, nr. 285 2
zijn plaats is, omdat een te hoge snelheid juist op dit type wegen een
gevaar vormt voor de meest kwetsbare verkeersdeelnemers. Momenteel
wordt er bij het beboeten van snelheidsovertredingen binnen de
bebouwde kom geen onderscheid gemaakt tussen 30 km/u-wegen en
overige wegen. Dit is vanaf volgend jaar niet langer het geval: de boetes
zullen extra worden verhoogd voor snelheidsovertredingen op wegen
waar een maximumsnelheid van 30 km/u geldt, waardoor deze hoger
uitkomen dan snelheidsovertredingen op andere wegen. Een boete voor
10 km/u te hard rijden binnen een 30 km/u-zone bijvoorbeeld,
bedraagt dan niet langer € 54,–, maar € 93,–.
Recidive
De afhandeling van lichte verkeersovertredingen verloopt via de Wahv, die
ook bekend is als de Wet Mulder. De systematiek van de Wet Mulder
maakt een snelle afdoening op basis van het kenteken mogelijk, zonder
dat dit leidt tot een hoge belasting van de schaarse capaciteit in de
strafrechtketen. Deze efficiënte afdoening heeft ertoe geleid dat er meer
kan worden gehandhaafd en de pakkans is vergroot. In de brief van
december heb ik enkele verschillen beschreven tussen deze wijze van
afdoening en de afdoening via het strafrecht. Een belangrijk verschil is dat
de Wet Mulder leidt tot standaardboetes voor lichte overtredingen,
waardoor ook het herhaaldelijk begaan van een overtreding geen
gevolgen heeft voor de hoogte van het sanctiebedrag.
In het strafrecht leidt het herhaaldelijk plegen van grove verkeersovertre-
dingen tot steeds hogere straffen. Rijden onder invloed en het veroor-
zaken van verkeersongevallen worden via het strafrecht afgedaan, net als
ernstige vormen van bumperkleven en veel te hard rijden. De richtlijn die
het OM bij deze laatste 2 overtredingen hanteert, is recentelijk aange-
scherpt. Het gewijzigde beleid zorgt ervoor dat een grove overtreding
sinds 1 januari jl. langer in beeld blijft van het OM (2 jaar in plaats van
1 jaar), zodat er eerder sprake is van recidive en er hogere straffen kunnen
worden opgelegd. Het OM heeft er met een aanpassing van de richtlijn
per 1 juni jl. tevens voor gezorgd dat het in beginsel niet meer voorkomt
dat een bestuurder zijn rijbewijs na invordering door de politie al binnen
een paar dagen weer terugkrijgt. In het verleden was dit mogelijk bij
personen die voor het eerst werden gepakt voor een zeer forse snelheids-
overtreding. Volgens de nieuwe richtlijn raakt de bestuurder zijn rijbewijs
na invordering in dat geval minstens 2 maanden kwijt.
Tot slot
Naar mijn mening komt de in deze brief beschreven aanpak tegemoet aan
de wens van uw Kamer om gerichte boeteverhogingen door te voeren. De
aanpak van asociale overtredingen en bovengemiddelde snelheidsover-
tredingen wordt verscherpt, terwijl ook hardrijders in woonwijken te
maken krijgen met flink hogere boetes. De algehele verhoging van de
boetetarieven per 1 januari blijft daarnaast beperkt tot 15%, en bedraagt
niet 20% zoals voorgenomen door het vorige kabinet. Daarnaast zullen de
tarieven ook worden aangepast aan de consumentenprijzenindex, zoals
dat op 1 januari 2010 voor het laatst heeft plaatsgevonden. De genoemde
aanpassingen zullen worden doorgevoerd door middel van een wijziging
van de bijlage bij de Wahv. Ik verwacht het wijzigingsbesluit dat hiertoe
strekt dit najaar in het kader van de voorhangprocedure aan uw Kamer
voor te kunnen leggen. De bijlage bij dat besluit bevat een lijst met alle
Tweede Kamer, vergaderjaar 2010–2011, 29 398, nr. 285 3
overtredingen en de bijbehorende nieuwe tarieven. De tariefsverhoging
van de boetes die in het strafrecht worden afgedaan, geschiedt door
aanpassing van de OM-richtlijnen.
De minister van Veiligheid en Justitie,
I. W. Opstelten
Tweede Kamer, vergaderjaar 2010–2011, 29 398, nr. 285 4
